Fit en Veilig vallen

Download hier de FLYER Fit en Veilig vallen

Heeft u interesse om hieraan deel te nemen na het lezen van onderstaand verhaal, neem dan even contact met ons op budoryurotterdam@gmail.com, dan kunnen wij kijken of wij een introductie middag kunnen plannen. Deze lessen kunnen worden gegeven op onze locatie Kralingen aan de Slaak 15.

Kosten voor 6 introductie trainingen van 60 minuten zijn € 75,00

Bekijk hier de video op Youtube Fit, Veilig en Valbreken

Fit en Veilig vallen is een interventie van de jbnJudo Bond Nederland (JBN), gericht op het stimuleren van duurzaam beweeggedrag van 65+ers, waarbij onderdelen uit het judo, jiujitsu en/of aikido (hierna te benoemen als judo) als middel worden ingezet voor speciale doelgroepen. Dat zijn groepen deelnemers die extra aandacht vragen, vereisen en krijgen, op en naast de mat.

Fit en Veilig vallen is ontwikkeld door de JBN in samenwerking met de Nederlandse Vereniging voor Jiujitsu en Judo Leerkrachten (NVJJL). NVJJL                                                                                                                                                                                                                                          Een interventie die wordt aangeboden en door landelijk overkoepelende organisaties, provinciale sportraden, gemeenten, GGD instellingen, zorginstellingen, ouderenorganisaties, judoclubs of sportscholen kan worden ingezet ter bevordering en/of verbetering van het beweeggedrag van senioren. Het gaat hierbij om een aanzet tot structurele verbetering.
Naast het beweeggedrag wordt ook het sociale gedrag van ouderen gestimuleerd. De hele interventie, van startlessen tot vervolgtraject, wordt met een hechte groep doorlopen.

Fit en Veilig vallen begint met lessen afkomstig uit drie modules die separaat of in combinatie met elkaar gegeven kunnen worden:

1. Fitfit-veilig-valbreken-001
• (Samen)werken aan spierversterkende oefeningen;
• Balans en evenwicht staan centraal;
• Veel oefenen aan de vergroting van de conditie en het uithoudingsvermogen.

2. Veiligfit-veilig-valbreken-002
• Door de Judo Bond Nederland erkende en gecertificeerde docenten verzorgen de lessen;
• Op zachte (val)matten;
• (Samen)werken aan de eigen weerbaarheid, bijvoorbeeld door middel van rollenspelen en praktische tips.

3. Valbrekenfit-veilig-valbreken-003
• Leren valbreken; voorwaarts, achterwaarts en zijwaarts;
• Preventieve en praktische tips om blessures te voorkomen;
• Bewustwording eigen lichaam.

Na deze lessen wordt een evaluatiegesprek gehouden met de deelnemers waarna een vervolgtraject voor het structurele bewegen opgezet wordt.

Fit en Veilig vallen is een interventie van de JBN die is ontstaan uit de Beweegkuur van het Nederlands Instituut voor Sport en Bewegen (NISB). In Nijmegen leerden senioren in de leeftijd van 63 tot 83 jaar valbreken onder begeleiding van een erkend judoleraar. De reacties waren overwegend positief: “Ik ben minder bang om te vallen en durf beter de straat op te gaan.”, “Ik word me erg bewust van de mogelijkheden en onmogelijkheden van mijn lichaam.”, “Eindelijk een programma voor gezonde senioren!”, “Ik ben redelijk lenig, maar leren valbreken is geheel nieuw voor mij.”.

Doelgroep

In de breedste zin is de doelgroep iedereen in de categorie ‘ouderen’, hier opgevat als de leeftijdsgroep 55+. Uitgangspunt daarbij is dat de deelnemende ouderen fysiek redelijk fit zijn. Aangeraden wordt wel om een groep te benaderen of samen te stellen die bestaat uit ouderen met vergelijkbare fitheid. Een leraar kan er dus voor kiezen de interventie aan te bieden aan een groep redelijke fitte ouderen maar kan er ook voor kiezen juist een groep samen te stellen van ouderen die allemaal minder fit zijn zodat de activiteiten daarop aangepast kunnen worden.

  • Hoofddoel

    Het hoofddoel van de interventie is om ouderen duurzaam meer te laten bewegen. Judo is daarbij een uitstekend middel om mee te beginnen zodat barrières, zoals valangst, weggenomen kunnen worden. Hoofddoel is niet om alle deelnemende ouderen per definitie te laten judoën, uitstroom naar andere vormen van structurele beweging wordt ook gestimuleerd en aangeboden.

  • Subdoelen

    Subdoelen die bijdragen aan het hoofddoel van structurele beweging zijn het bevorderen van de algemene fitheid zodat aan de ‘fitnorm’ (NISB, 2013) voldaan kan worden, het wegnemen van valangst en het weerbaar maken van de deelnemers die zich nu onveilig voelen. Verder kunnen sociale contacten verbeteren door deelname aan de interventie. Hiermee wordt het probleem van gevoelens van eenzaamheid onder ouderen bestreden.

Nederland is aan het vergrijzen. Het aantal en percentage 65+ers in ons land neemt al jarenlang ieder jaar toe. Ook de levensverwachting van degenen die de leeftijd van 65 bereikt hebben blijft toenemen (CBS, 2011). Dit maakt dat deze groep een steeds bepalendere factor binnen de samenleving wordt.

Uit onderzoek blijkt dat ongeveer 60 procent van de ouderen met overgewicht kampt (Dijkman, 2009). Naast een doorgaans grotere vetophoping nemen bovendien spierkracht, balans, uithoudingsvermogen en sterkte van de botten af. De kans op een val neemt door beperktere coördinatie en evenwicht toe en de gevolgen worden door de zwakkere botten ook groter.
Dit alles vraagt om een interventie waarbij met deze doelgroep aan de algemene fitheid wordt gewerkt en deze personen verder vertrouwd raken met valpreventie en veilig valbreken. Overgewicht en obesitas aan de ene kant en kneuzingen en breuken aan de andere kant zorgen immers voor veel kosten in de zorg die door deze interventie deels voorkomen kunnen worden. Alleen al de valincidenten van ouderen zorgen jaarlijks voor zo’n 740 miljoen euro aan directe medische kosten.

Een ander probleem dat deze interventie probeert te tackelen is het toenemende gevoel van onveiligheid dat onder ouderen verhoudingsgewijs groot is. Als ouderen deel zouden kunnen nemen aan een interventie waarin hun weerbaarheid verbetert en waarbij bovendien aan hun fitheid gewerkt kan worden zouden deze gevoelens van onveiligheid teruggedrongen kunnen worden.
Indien met dit gevoel echter niets gedaan wordt zullen veel ouderen vaak binnenshuis blijven en zullen zij sociaal geïsoleerd raken. Een van de problemen daaraan is dat zij geen mantelzorgers om zich heen hebben en in het geval dat zij hulp behoeven dus aangewezen zijn op professionele hulp. Dit drukt op de eerder besproken zorgkosten. Verder zijn sociaal geïsoleerde ouderen ook minder in staat om in de samenleving te participeren. Deze participatie is iets dat het huidige kabinet juist wil stimuleren.

Uit onderzoek blijkt dat ouderen zelf ook graag willen werken aan verbetering ten aanzien van de bovenstaande facetten. Onder de grootste motivaties voor het deelnemen aan een dergelijke interventie zijn plezierbeleving, verbetering van gezondheid en sociaal contact.

Opzet van de interventie

De interventie bestaat uit 5 fases of momenten.

1. Intakegesprek
2. Fit en Veilig vallen
3. Tussengesprek
4. Vervolg beweegtraject
5. Eindevaluatie
De interventie is lokaal op maat te maken aan de hand van de mogelijkheden en wensen van docent en deelnemers. FVV start met intakegesprekken met de deelnemers, gevolgd door zes bijeenkomsten van anderhalf à twee uur waarin de modules Fit, Veilig en Valbreken aan bod komen. Tijdens deze bijeenkomsten kan gebruik gemaakt worden van alle of van een te kiezen deel van de modules waarbij de module ‘Fit’ vaak als basis gebruikt wordt.

Na afloop van deze bijeenkomsten wordt een tussentijds evaluatiegesprek gehouden met alle individuele deelnemers waarin zij onder andere hun voorkeur voor het vervolgtraject, dat kan variëren van enkele maanden tot meer dan een jaar, kunnen aangeven. Aan de hand hiervan wordt vervolgens besloten op welke manier deze continuering van het bewegen met dezelfde groep ouderen voorgezet zal worden. Insteek is de groep als geheel door te laten stromen in vervolg beweegtraject. De activiteiten die volgen hoeven niet noodzakelijk judo gerelateerd te zijn. Vanuit MBvO (Meer Bewegen voor Ouderen) en GALM (Groninger Actief Leven Model) zijn voorbeelden bekend van regelmatige wandelingen tot wekelijks zwemmen of volleyballen. Natuurlijk speelt het hier een rol of het om fitte of minder fitte ouderen gaat.
Tot slot wordt met de deelnemers de hele interventie nog eens besproken in een eindevaluatie.