Geschiedenis en ontwikkeling

* Geschiedenis en ontwikkeling van het AIKIBUDO.

Japan

In het feodale Japan (ca. 1050-1875) was de rol van de keizer nog slechts formeel en hadden vele adellijke grootgrond-bezitters het voor het zeggen. Deze grootgrondbezitters, Daimyo’s genoemd, hadden ieder een eigen leger en vormde met familie en getrouwen van lagere adel een clan. Onderling bestonden vele twisten om uitbreiding van de macht. Iedere clan oefende voor de strijd en ontwikkelde vaak zijn eigen technieken en strategie?´n die streng geheimgehouden werden.

De nadruk lag op het gebruik van wapens, maar als noodzakelijke aanvulling hoorde ook het ongewapend vechten erbij. Een van deze clans werd geleid door de Minamoto familie, een belangrijk adellijk geslacht, dat afstamt van de 56e keizer van Japan, Seiwa Tenno (859-876).

Behalve het trainen met wapens, hielden zij zich bezig met een oude vorm van Sumo, wat het principe van aiki (harmoniering van (innerlijke) krachten) in zich had. Shinra Saburo Minamoto Yoshimitsu (1045-1127), generaal in het leger van de clan, was een Sumo kampioen (yumitori). Hij structureerde de technieken, zo dat er voor het eerst sprake was van een systeem en schiep zo een school. Yoshimitsu werd wel Saburo Daito genoemd, omdat hij in het Daito-huis woonde.

Toen hij een school stichtte noemde hij deze dan ook de Daito-ryu (ryu = school). De stijl van de school werd Aiki jiu-jitsu genoemd. Zijn oudste zoon die de school leidde verhuisde naar het dorp Takeda, in de provincie Kai. Dit was aanleiding om de familienaam te veranderen in Takeda. Door diverse omstandigheden is de Takeda-clan verslagen (1573) bij de slag bij Nagashino. – De beroemde Japanse regisseur Akira Kurasawa maakte een mooi epos over de teloorgang van de Takeda-clan in de film Kagemuscha (schaduwkrijger).-

De overgebleven familieleden moesten hun bezittingen opgeven en zijn naar een bevriende clan (de Aizu) op het noordelijke eiland Hokkaido verhuisd. De Daito-ryu verhuisde mee. Het was in die tijd gebruikelijk technieken alleen binnen de clan te doceren of aan voorname overheids bekleders van leger en justitie. Deze geheimhouding duurde tot na 1900.

Sokaku Takeda (1860-1943) trok door Japan om het Daito-ryu te doceren buiten de clan

Onder de 30.000 (geregistreerde) leerlingen was Morihei Ueshiba, de latere grondlegger van het aikido.Heden ten dagen is de hoofdzetel van de Daito-ryu nog steeds op Hokkaido, bij de Takeda-familie. In 1993 is het toenmalige hoofd van de Daito-ryu, Tokimune Takeda (de zoon van Sokaku Takeda) overleden. Er was binnen de familie geen opvolger voorhanden om de school technisch voort te zetten. Tokimune Takeda heeft daarom Katsuyuki Kondo, in Tokyo, aangesteld als hoofdmeester (Soke Dairy) van de school.

Er zijn vele stijlen en scholen die sterk zijn beïnvloed of zijn ontstaan uit de Daito-ryu. Zo ontving Morihei Ueshiba (de latere grondlegger van het Aikido) twee van de drie lesbevoegdheden en stichtte een eigen dojo. In de jaren 1920/1930, toen Ueshiba hoofdzakelijk les gaf in Daito-ryu Aiki jiu-jitsu, stuurde Jigoro Kano, de grondlegger van het judo, een aantal van zijn topmensen naar Ueshiba voor onderricht.

Morihei Ueshiba

Een van deze leerlingen was Minoru Mochizuki. Op zijn beurt kreeg hij, na jaren van trainen, van Ueshiba een lesbevoegdheid in het Daito-ryu Aiki jiu-jitsu.Naast judo en aiki jiu-jitsu was Mochizuki ook expert bij de beroemde klassieke zwaardschool Tenshin Shoden Katori Shinto-ryu. Toen Mochizuki zijn eigen weg ging doceerde hij deze Budotakken, met een sterk eigen visie. Hij noemde zijn school Yoseikan Shinto-ryu.

Europa


Minoru Mochizuki verbleef van 1951 tot 1953 in Frankrijk en demonstreerde en doceerde daar onder meer aikido jiu-jitsu Yoseikan-stijl. In 1953 vertrok Mochizuki uit Frankrijk en keerde terug naar Japan.

Daar trainde hij een jonge Franse budoka, Jim Alcheik. Toen Jim Alcheik in 1957 terugkeerde naar Europa werd hij de officiële vertegenwoordiger van het Aikido jiu-jitsu van de Yoseikan in Europa.

Alain Floquet was een van zijn beste leerlingen. Toen Jim Alcheik in 1962 om het leven kwam, zocht Alain Floquet contact met meester Mochizuki om de toekomst van het Yoseikan Aikido jiu-jitsu te waarborgen. Nadat Alain Floquet de leiding op zich had genomen is het aikibudo en kobudo (wapentechnieken van de Katori ‚ en (deels) Yoseikan Shinto-ryu) in Frankrijk en een aantal Frans georiënteerde landen, gestaag gegroeid.

Alain Floquet is geboren op 18 december 1939 in Parijs. Hij startte met judo toen hij negen jaar oud was. In 1957 ging hij ook aikido, karate en kendo beoefenen. In 1962 zocht hij zoals gezegd contact met Minoru Mochizuki om de toekomst van het Aikido jiu-jitsu te waarborgen.

In reactie hierop stuurde Minoru zijn zoon Hiroo Mochizuki naar Frankrijk om Floquet bij te staan. In 1966 werd Floquet Technisch Directeur van het Aikido Yoseikan in Frankrijk.

Het was in het midden van de jaren zestig dat de Nederlandse judoka Teun Tromp regelmatig in Frankrijk was, voor training met de judokernploeg, onder leiding van Anton Geesink. In de pauze van de judotrainingen werd een aantal malen een bijzonder vechtkunst gedemonstreerd, het Yoseikan Aikido jiu-jitsu. Eerst door Hiroo Mochizuki later door Alain Floquet, die inmiddels de rol van Jim Alcheik had overgenomen.

Dit liet een grote indruk achter. Aanleiding voor Teun Tromp om Floquet in 1967 een keer in Nederland uit te nodigen om stage te geven. Dit nam al snel structurele vormen aan. Zo hebben vele oudere aikidoka’s, die in die tijd (vaak eerst als judoka) trainde, hun eerste aikidolessen van Alain Floquet gehad. In 1973 richtte Alain Floquet het Onderzoeks -en studiecomite voor Aikido op (C.E.R.A.). Het aikido van Floquet werd in die tijd wel met CERA Aikido aangeduid.

In 1978 kreeg Floquet van Mochizuki zijn 7e dan en de titel kyoshi voor zijn inspanningen. In 1980 besloot hij in overleg met Mochizuki om zijn stijl aikibudo te noemen, om verwarring met andere budovormen te voorkomen die aikido als naamselement dragen. Enige jaren geleden verleende Mochizuki aan Alain Floquet de 8e dan Yoseikan Budo.

Nederland

Nadat Teun Tromp de ontwikkeling van het Yoseikan Aikido jiu-jitsu in gang had gezet heeft het langzaam maar zeker vaste wortels gekregen in Nederland. Andere beoefenaren van het eerste uur waren Jaap Hoogendam, Rob Breedveld (toen nog beginnend leerling van Teun Tromp) en Dick van der Meer sr. Een deel van de beoefenaren kwam in contact met aikidoleraren uit Japan. Velen voelde zich daartoe aangetrokken en maakte de keuze om aikido te gaan beoefenen.

Het CERA Aikido, zo genoemd na 1973, bleef lang binnen een kleine groep beoefend. Dit kwam o.a. doordat Alain Floquet eind jaren zeventig niet meer door de Budo Bond Nederland (BBN) werd uitgenodigd. Wat lag hieraan ten grondslag. In Frankrijk werd Alain Floquet lid van de IMAF. Deze stap was logisch omdat de IMAF in Japan de belangrijkste overkoepelende organisatie voor budo is.

In Nederland was het aikido ondergebracht bij de toenmalige Budo Bond Nederland (nu Judo Bond Nederland). De BBN verzorgde als enige erkende opleidingen voor judoleraar. Dick Schilder was in die tijd het hoofd van IMAF Nederland. Onder de vlag van de IMAF besloot ook Dick Schilder een opleiding tot judoleraar te starten. Hoewel de leraaropleiding van Dick Schilder feitelijk niets met de IMAF zelf te maken had, zag de BBN dit als concurrentie en deed de IMAF in de ban. Zo ook Alain Floquet, hoewel deze niets met bovenstaande te maken had. Als oplossing voor Nederland kon Alain Floquet zijn tweede man Alain Roinel sturen om stages te geven.

Bronvermelding www.aikibudo.nl